Honden zijn gemaakt om te werken. Niet negen-tot-vijf, maar in de zin van: een doel hebben, een taak uitvoeren, ergens goed in zijn.
De werkende hond van weleer
Eeuwen lang hadden honden een functie: hoeden, jagen, bewaken, trekken. Die drift zit in hun DNA. Wat we nu 'lastig gedrag' noemen — trekken, bijten, graven, blaffen — is vaak gewoon werkdrive zonder uitlaatklep.
Wat kun jij doen?
Geef je hond iets te doen. Dat hoeft niet ingewikkeld te zijn:
- Boodschappen doen: verstop eten en laat je hond zoeken
- De volle wasmand: leer je hond spullen te brengen en zelfs in een mand 'droppen'
- Trick training: leer trucs, niet voor de show maar voor de mentale uitdaging: op spannende objecten staan, slalommen rond paaltjes. Door je benen zwieren. Een 'target' aantikken.
- Nosework: het officiële speurwerk voor honden van alle rassen. Denk aan detectie, mantrailing maar ook simpelweg een geliefd speeltje verstoppen. Uiteraard dien je eerst de basisstappen aan te leren.
- Herding games: voor herdershonden — specifieke opdrachten die hun instinct aanspreken waarbij ze hun natuurlijke eigenschappen zoals het flankeren, opdrijven en controleren van bewegingen inzetten; dat kan ook met pionnen en een bal. Dat hoeft dus geen schaap te zijn!
Wat zie je terug?
Een hond die gewerkt heeft, is rustig. Niet uitgeput — maar voldaan. Er is een groot verschil tussen een hond die moe is van een lange wandeling en een hond die moe is van mentale uitdaging.
De boodschap
Jouw hond is niet lastig. Hij wil bijdragen. Geef hem de kans om dat te doen, en veel gedragsproblemen verdwijnen als sneeuw voor de zon.
Ga dan bedenken hoe je die ' baan' kan vormgeven in jullie alledaagse situatie en leven. Wil je daar hulp bij? Vraag het Miss Molly of informeer bij hondenscholen naar proeflessen in het een of ander.


